ondertekening Ambitiekader – Opgewekt Pajottenland

VLEZENBEEK: – Het Pajottenland biedt heel wat kansen voor hernieuwbare energie en tegelijkertijd in te zetten op de leefbaarheid van de dorpen en de versterking van het landschap. Daartoe ondertekenden vandaag de provincie Vlaams-Brabant en de gemeenten Bever, Galmaarden, Gooik, Halle, Herne, Lennik, Pepingen, Roosdaal, Sint-Pieters-Leeuw en Liedekerke het Ambitiekader ‘Opgewekt Pajottenland’.
2019-09-18-Opgewekt-Pajottenland (9)
Opgewekt Pajottenland – Verneem er meer over in onderstaande video.


Het Pajottenland is een regio met een grote landschappelijke waarde. Deze streek kent heel wat uitdagingen wanneer het gaat over klimaatverandering, zoals droogte en wateroverlast. Maar de typische identiteit van het landschap biedt tegelijk ook kansen om te werken aan klimaatdoelstellingen. Dit kan door in te zetten op hernieuwbare energie, de verbetering van de leefbaarheid in de dorpen en het versterken van de open ruimte door landschapszorg. De provincie Vlaams-Brabant, het Regionaal Landschap Pajottenland & Zennevallei, Klimaatpunt vzw (nieuwe naam van Pajopower vzw) en de gemeenten Bever, Galmaarden, Gooik, Halle, Herne, Lennik, Pepingen, Roosdaal, Sint-Pieters-Leeuw en Liedekerke slaan de handen in elkaar en werken de komende drie jaar aan een Strategisch Project dat de naam ‘Opgewekt Pajottenland meekreeg.

Gedragen visie
Opgewekt Pajottenland’ wil een gedragen ruimtelijke visie op hernieuwbare energie te creëren en inspiratie te bieden voor concrete projecten. De centrale vraag hierbij is: Wat is de ideale dumzame energiemix voor het Pajottenland. vertrekkende vanuit het landschap?’‚ zegt Ann Schevenels, gedeputeerde voor ruimtelijke planning.

Om hier een antwoord op te geven, loopt er momenteel een Iandschapsstudie die bestaat uit een energiesysteemanalyse (hoeveel energie verbruiken we nu, waar willen we naartoe en hoe zullen we dit doen?), een draagvlakanaiyse (hoe zien de Pajotten hun landschap en de evolutie ewan?) en een landschapsanalyse (hoe zit het landschap in het Pajottenland in elkaar en uit welke bouwstenen bestaat het?).

“Opgewekt Pajottenland’ is een participatief project. Het betrekt iedereen die van dicht of van ver iets te maken heeft met het Pajotse landschap bij dit toekomstverhaal.

Van woorden naar daden
De gedragen ruimtelijke visie wordt meteen omgezet in concrete en inspirerende projecten… Want zichtbare acties op het terrein, groot en klein‚ werken als hefboom voor nieuwe initiatieven

Er zijn vier verhaallijnen, Energieke ondernemers, Klimaatslimme landbouw. Energiek landschap en Klimaatambassadeurs. waar telkens concrete projecten aan ophangen wonden.

Vanaf oktober liggen in de gemeentehuizen uit deze regio folders ter beschikking die deze 19 acties opsommen en uitleggen.

De komende maanden maakt het projectteam werk van het op de hoogte brengen van bewonen. ondernemers. experts en lokale besturen. de bekendmaking van de eerste resultaten van de landschapsstudie en zetten ze verder in op participatie om draagvlak te creeëren.

De Vlaamse overheid trekt de komende 3 jaar 300.000 euro aan subsidies uit voor dit strategisch project. (2019-2021)

Meer info over Opgewekt Pajottenland: www.vlaamsbrabant.be/opgewektpajottenland

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Kan een warmtenet duurzame warmte leveren in de Zennevallei?

SINT-PIETERS-LEEUW/RUISBROEK: – Het bedrijf Kelvin Solutions onderzoekt de mogelijkheid of een warmtenet duurzame warmte kan leveren in de Zennevallei. Dit is een project in opdracht van de provincie Vlaams-Brabant.
Het neemt drie locaties onder de loep: de bedrijvenzones rondom Lot, het centrum van Halle en de bedrijvenzone 3 Fonteinen in Sint-Pieters-Leeuw en Drogenbos.


Wat is dat, een warmtenet?
Een warmtenet bestaat uit één of meerdere warmtebronnen, die via een netwerk van leidingen de warmte verdeelt naar de warmteverbruikers. Dat kunnen zowel grote als kleine verbruikers, zoals woningen, zijn.
Het leidingnet ligt ondergronds en is goed geïsoleerd. De warmte is duurzaam en wordt opgewekt uit biomassa, biogas, riothermie, geothermie of zonne-energie, of is restwarmte van industriële bedrijfsprocessen. Het is een klimaatvriendelijke manier om warmte te verdelen. In Vlaanderen gaat 55% van ons energieverbruik naar verwarming of koeling.

Energiekansen en ontwikkelingen Zennevallei:
De gemeenten, middenveldorganisaties, inwoners, provincie, Vlaanderen,..allen zijn we op één of andere manier bezig met de omslag naar hernieuwbare energie. Met Kyoto in het Pajottenland is een sterke speler met know how aanwezig.
Het strategisch project kan een meerwaarde vormen door:
– Provinciaal pilootproject rond collectieve woonblokrenovatie naar deze regio te halen. Allicht kan deze in Ruisbroek woonkern uitgerold worden.
– Provinciale screening voor warmtenetten in en rondom bedrijvenzones te laten opzetten in de projectzones waar we als Strategisch Project aan bezig zijn:
3 Fonteinen, bedrijvenzones rondom Lot, Catalasite,… . Of kunnen bestaande initiatieven mee ondersteund worden (Lot). De energiekansenkaarten van de provincie Vlaams-Brabant toonden aan dat er potenties zijn in verband met het benutten van warmte van rioolwaterzuiveringsinstallaties, restwarmte en biomassa.

landschapsstudie hernieuwbare energie in Sint-Pieters-Leeuw

VLAAMS-BRABANT / SINT-PIETERS-LEEUW: – De provincieraad van Vlaams-Brabant besliste om een landschapsstudie aan te besteden voor de ontwikkeling van een overkoepelende gebiedsvisie over hernieuwbare energie in het Pajottenland.


We zetten in op hernieuwbare energie voor het Pajottenland’, zegt Ann Schevenels, gedeputeerde voor ruimtelijke planning. ‘Met deze studie willen we als provincie onze regisseursrol waarmaken en op zoek gaan naar oplossingen op maat van de regio. De komende drie jaar gaan we daarom, samen met het Regionaal Landschap Pajottenland en Zennevallei, Pajopower en de gemeenten Bever, Galmaarden, Gooik, Halle, Herne, Lennik, Pepingen, Roosdaal en Sint-Pieters-Leeuw, onderzoeken hoe we hernieuwbare energie kunnen inpassen in het landschap, waar het goed leven en beleven is en blijft voor inwoners en toeristen’.

De landschapsstudie verkent de best mogelijke mixen van hernieuwbare energiebronnen voor de 9 Pajotse gemeenten. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar de meest efficiënte invulling van energieproductie. Een kwalitatieve landschappelijke integratie, lokale gedragenheid en participatie door omwonenden zijn minstens even belangrijk.

2016-09-01-5-windturbines_wind4flandersWe vertrekken vanuit het landschap en gaan op zoek naar de beste manier om onze ambitie van klimaatneutrale provincie tegen 2040 waar te maken. Een landschap met glooiende heuvels, hoogstamboomgaarden, kleine landschapselementen en vele beekvalleien is het uithangbord van het Pajottenland. Uit onze energiekansenkaarten blijken hier heel wat kansen te liggen voor hernieuwbare energie’, zegt Ann Schevenels, gedeputeerde voor ruimtelijke planning. ‘Met deze landschapsstudie willen we al ontwerpend verschillende mogelijkheden voor de inpassing van hernieuwbare energie in dit landschap uittekenen en beoordelen. Samen met de lokale betrokkenen zetten we dan de krijtlijnen uit voor hernieuwbare energie in hun regio. Met onze provincie als streekmotor achter een samenwerking met de gemeenten, middenveldorganisaties én burgers maken we ruimte voor hernieuwbare energie in het Pajottenland’.

De studie kadert in het strategisch project ‘Hernieuwbare energie als hefboom voor een klimaatbestendig Pajottenland’ dat eind 2017 goedgekeurd werd door de Vlaamse overheid en dat in de loop van 2018 van start zal gaan. De landschapsstudie moet een gedragen visie over de rol van hernieuwbare energie opleveren en concrete projecten op touw zetten.

Milieuvergunning voor bouw van 2 Engie Electrabel windmolens in Lot

LOT/SINT-PIETERS-LEEUW: – Minister van Milieu Joke Schauvliege verleent een milieuvergunning voor de bouw van 2 windturbines van maximaal 150 meter hoogte langsheen het Heideveld in Lot. De minister legt wel een aantal bijkomende voorwaarden op. Eerder weigerde de provincie Vlaams-Brabant een milieuvergunning af te leveren.

In de zomer van dit jaar besliste de provincie Vlaams-Brabant om geen milieuvergunning toe te kennen voor de exploitatie van 2 windmolens langsheen Heideveld, tussen het kanaal Brussel-Charleroi en de spoorlijn Brussel-Halle, in Lot. Tijdens het openbaar onderzoek werden bezwaren ingediend die hoofdzakelijk betrekking op geluidshinder, slagschaduw, rendementsverlies, te korte afstand tot andere windmolens en gebrek aan overleg met de exploitanten.

Engie Electrabel tekende bij minister Schauvliege beroep aan tegen die beslissing. Uit adviezen die de minister ontving, leidt zij af dat de hinder en de effecten op mens en milieu en de risico’s voor de externe veiligheid tot een aanvaardbaar niveau kunnen worden beperkt. Tijdens de dag bleef de geluidshinder onder de richtwaarden, maar tijdens de avond- en nachtperiode werden de waarden dan weer overschreden.

Daar staat tegenover dat de locatie gelegen is in een industriegebied en dat het landschap wordt gekenmerkt door grootschalige industrie, aldus minister Schauvliege.
2015-11-01_3-windturbine_witte-roosVandaar dat de minister een milieuvergunning verleent voor de windmolens, zij het gekoppeld aan voorwaarden. Zo moet het geluidsniveau tijdens de avond en nacht worden beperkt. Binnen de 6 maanden na de ingebruikname van de windmolens moet een erkend milieudeskundige geluidsmetingen uitvoeren op de meest kritische plaatsen. Bovendien moet per windturbine een online dagboek worden bijgehouden over de impact van de slagschaduw.

2016-09-01-5-windturbines-kanaal-Brussel-Charlerloi_01
Langs het kanaal in Beersel, Halle en Sint-Pieters-Leeuw staan momenteel reeds 8 windturbines. Bedoeling van Engie Electrabel is om nog twee extra windmolens te plaatsen op het terrein van Amacro in Lot.

WINDTURBINES_windmolens_Beersel_Sint-Pieters-Leeuw_Halle

opening fast-E snellaadnetwerk met snellader bij Total Ruisbroek

RUISBROEK: – Vanmiddag werd in aanwezigheid van vlaams minister voor Energie Bart Tommelein en Désirée Oen, Adjunct-kabinetschef van Europees Commissaris voor Transport de officiële start gegeven van het fast-E (Fast Charging Study Europe) snellaadproject aan het servicestation Total Ruisbroek op de Brusselse Binnenring.

2016-10-20-FAST-E_Total-Ruisbroek (22)
Paul Mannes, CEO Total Belgium – Désirée Oen, Adjunct-kabinetschef van Europees Commissaris voor Transport – Bart Tommelein, Viceminister-president van de Vlaamse Regering en Vlaams Minister van Energie – Luc Deconinck, Burgemeester Sint-Pieters-Leeuw

In het kader van dit project worden in België, Duitsland, Tsjechië en Slowakije 307 elektrische snelladers geïnstalleerd langs de TEN-T corridors. Alleen al in België worden voor het eind van dit jaar 37 zogenaamde Triple-Chargers geplaatst bij Total tankstations, waarvan 26 op autosnelwegen (1 laadpaal voor 2 wagens per station), waarmee alle gangbare elektrische voertuigen snel geladen kunnen worden.

Daarmee is fast-E (www.fast-e.eu) het grootste privaat-initiatief voor de bouw van de basis-
infrastructuur. Het is eveneens het grootste infrastructuur-project voor elektrische voertuigen dat door de Europese Unie financieel ondersteund wordt voor 50% van het totale investeringsvolume van rond de 18 miljoen euro.

Bart Tommelein, Minister van Energie: “Elektrisch rijden biedt een oplossing voor de uitdagingen op vlak van propere mobiliteit. Positief is dat steeds meer Vlamingen elektrisch willen rijden. Maar enkel met meer laadstations kunnen we het elektrisch rijden verder stimuleren. Tegen 2020 moet Vlaanderen 5.000 extra publieke laadpunten, 300 CNG-tankstations en 20 waterstofstations tellen. Daarom steun ik het elektrisch snellaadproject van Total en fast-E in Ruisbroek, in Vlaanderen en in België. Het maakt het elektrisch rijden opnieuw een stuk interessanter.”

Bekijk in onderstaand filmpje de inhuldiging van het fast-E snellaadnetwerk en de toespraken van Vlaams Minister Bart Tommelein en Burgemeester Luc Deconinck

Total maakt samen met Allego een landelijk dekkend netwerk van elektrische laadpalen mogelijk
In het kader van het fast-E project hebben Total en Allego besloten om hun krachten te bundelen en samen te werken voor het ter beschikking stellen van elektrische laadpunten in België. Deze samenwerking draagt bij tot de bevordering van duurzaam vervoer en tot de verbetering van de luchtkwaliteit.

Een dekkend snellaadnetwerk is een belangrijke voorwaarde om e-mobility daadwerkelijk voor alle dag te laten functioneren. Fast-E zal als pilot eerst voor het basisnetwerk van snelladers zorgen om zo een antwoord te bieden op de groeiende EV markt”, zegt Désirée Oen, Adjunct-kabinetschef van de Europees Commissaris voor Transport, bij de kick-off in Ruisbroek.

Paul Mannes, CEO Total België, voegt hieraan toe: “Total beschikt over een zeer uitgebreid en geografisch gespreid netwerk van tankstations in heel België, inclusief op autosnelwegen. Het leek ons niet meer dan logisch om in dit project te stappen daar dit niet alleen inspeelt op de veranderende mobiliteitsbehoeften van de klant. Dit toont ook duidelijk aan dat Total zich engageert voor een innovatieve en toegankelijke energie.

“België is nog ver weg van een probleemloze rit van Oost naar West. Fast-E biedt niet alleen een oplossing binnen België, maar staat ook voor een vlekkeloze verbinding naar de andere landen. Met de plaatsingen op cruciale en bekende locaties met TOTAL en een relatief korte onderlinge afstand kunnen we de bestuurders er van overtuigen om over te stappen op elektrische mobiliteit” aldus Ulf Schulte, COO bij Allego.

37 snellaadstations in België: binnen 30 minuten EV voor 80% gevuld
De elektrische snellaadstations beschikken allen over de drie gangbare stekkers waarmee elektrische voertuigen binnen 30 minuten tot 80% gevuld kunnen worden. Deze stekkers zijn het Combined Charging System (CCS ofwel Combo), CHAdeMO en een Type2-Mennekes. De laadvermogens lopen van 43 tot 50kW. Zo zorgt fast-E ervoor dat iedere geschikte EV op het netwerk terecht kan.

Het merk en type elektrische of hybride wagen bepaalt welk type stekker de gebruiker nodig heeft. Door deze verscheidenheid is het noodzakelijk om vandaag de drie standaarden beschikbaar te maken op een snellaadstation. Dit moet de gebruiker de zekerheid bieden om te vinden wat hij zoekt.

Betalen is mogelijk via een applicatie op de smartphone of via een laadpas.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.


Fast-E blijft bestaande en nieuwe technieken beoordelen en onderzoeken
Binnen het fast-E project worden meerdere studies uitgevoerd die de locatieplanning, commerciële inbedding en massale uitrolplanning onderzoeken. Daarnaast worden nieuwe technieken als batterijopslag in combinatie met de hoge vermogens getest en verder voorbereid op integratie in de huidige technieken.

Belangrijkste onderzoek voor de bestuurders van elektrische voertuigen zal de interoperabiliteit zijn, met één pas op alle netwerken kunnen laden. Fast-E zal bestaande en nieuwe technieken beoordelen en onderzoeken zodat de laadervaring voor de gebruiker optimaal zal verlopen.

Wie zijn elektrische wagen oplaadt aan de snellaadpaal bij total Ruisbroek kan voor ongeveer 3 euro 100 kilometer rijden. Ter vergelijking: wie dezelfde afstand met een dieselwagen overbrugt, betaalt 8 euro.

windturbines Ecopower en WE-power worden opgebouwd.

SINT-PIETERS-LEEUW / BEERSEL: – Na de opbouw van de twee windturbines van WE-Power, de groene stroomproducent van de Colruyt-groep aan de Laekebeek in Lot vorige week (zie artikel 6/10/2015) worden nu ook door Ecopower en We-power samen drie windturbines opgetrokken aan het Kanaal Brussel-Charlerloi op de grens tussen Sint-Pieters-Leeuw en Lot.
2015-10-13-windturbines_Sint-Pieters-Leeuw_Beersel_opbouw (22)
De Nederlandse firma H4A windenergie is vandaag begonnen met de opbouw van de eerste molen. Een precisie werkje. De timing van de opbouw wordt mee bepaald door het weer want bij te sterke wind kan men met de kraan geen onderdelen ophijsen. Als alles volgens plan verloopt kunnen de windturbines in november proef draaien.

Gunther Coppens, milieuschepen Sint-Pieters-Leeuw - Veerle Leroy, milieuschepen Beersel - Dirk Vansintjan, Ecopower - Stefaan Verhamme, Colruyt Group WE-Power
Gunther Coppens, milieuschepen Sint-Pieters-Leeuw – Veerle Leroy, milieuschepen Beersel – Dirk Vansintjan, Ecopower – Stefaan Verhamme, Colruyt Group  WE-Power

Twee windturbines zijn voor de coöperanten van Ecopower en één op het grondgebied van Sint-Pieters-Leeuw is voor WE-Power.

Dirk Vansintjan, Ecopower: “De windturbines zijn van het merk Senvion. Ze hebben een vermogen van 2 MW en ze zijn 146 m hoog (masthoogte 100 m en wieklengte 46 m). Ze produceren elk 4.500.000 kWh per jaar, dat is voldoende voor zo’n 2.000 huishoudens.
De wieken werden in Portugal gebouwd en per boot naar België gebracht. Het laatste deel van het transport diende s’nachts per vrachtwagen te gebeuren en niet per boot op het kanaal daar er enkele sluizen te klein en enkele bruggen te laag waren. De andere onderdelen werden gebouwd in Duitsland.”

ECOPOWER
Ecopower is een coöperatieve producent en leverancier, de stroomlevering is een dienstverlening aan hun coöperanten. Daarmee nemen zij hun energievoorziening letterlijk in eigen handen. Ze zijn zowel eigenaar van de productieinstallaties als van de geproduceerde energie. Ze beslissen zelf over de waarde van de stroomprijs en het dividend. Ze beslissen mee over het beleid van hun coöperatieve.

200 inwoners uit Sint-Pieters-Leeuw zijn reeds coöperant bij Ecopower.
Dirk Vansintjan, Ecopower: “Elke windturbine is een investering van 2,5 miljoen euro. Voor dit windproject zal Ecopower dus 5.000.000 euro bijeen brengen door de huidige en toekomstige coöperanten, met een duidelijke oproep naar inwoners van Beersel en Sint-Pieters-Leeuw. Anders gezegd om de twee windturbines te financieren, verhoogt Ecopower zijn kapitaal met 20.000 aandelen. Er is dus voldoende mogelijkheid om mee te investeren.” Meer info: www.ecopower.be

WE-POWER
WE-Power is de interne groene-energieproducent en-leverancier van de Colruyt Group. Ze helpen de groep om haar energieverbruik te voorspellen en te optimaliseren. Het is de ambitie van de groep om op termijn evenveel hernieuwbare energie te produceren als wat de groep zelf verbruikt.
WE-Power financiert haar windturbines zelf.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.


Gunther Coppens, milieuschepen Sint-Pieters-Leeuw en Veerle Leroy, milieuschepen Beersel:
Deze windturbines zijn een aanwinst voor onze gemeenten daar ze hernieuwbare, groene energie opbrengen wat voor de gemeenten goed is om de klimaat doelstellingen te halen.”
Gunther Coppens:” Voor de buurtbewoners van wijk De Witte Roos zullen er in de toekomst ook een tweede rij jonge populieren aangeplant worden. Zodanig dat deze bomen binnen 15 jaar volgroeid zijn als de rij bomen die er nu staat gekapt moet worden. Zo blijft er een groen visueel scherm tussen de wijk en de windmolens.