Je kind inschrijven in een Leeuwse school vanaf 8 februari 2016

2016-02-07-inschrijven-scholen-S-P-LSINT-PIETERS-LEEUW: – U hebt een kind dat geboren is in 2014 en dat volgend schooljaar (2016-2017) voor het eerst naar school mag?
Aanmelden: van 8 februari 2016 (08:00) tot en met 26 februari 2016 (20:00) surf naar http://aanmelden.sint-pieters-leeuw.be
Deze website geeft u informatie over de inschrijvingsprocedure voor kleuter- en lagere scholen.

Ook kinderen geboren in 2014 die pas effectief starten op 1 september 2017 moeten nu al inschrijven!

In Beersel, Halle en Sint-Pieters-Leeuw werken alle scholen over de netten heen met een gemeenschappelijke aanmeldings- en inschrijvingsprocedure. De kinderen worden eerst aangemeld en daarna pas ingeschreven.

Eerst aanmelden, dan inschrijven!
De scholen werken met een systeem van elektronische aanmeldingen.
Aanmelden gebeurt via de website: http://aanmelden.sint-pieters-leeuw.be

1. Indien u uw kind niet aanmeldt, kan u uw kind pas inschrijven tijdens de vrije inschrijvingsperiode die start op 2 mei 2016. De plaatsen zijn dan echter beperkt. Het grootste deel van de plaatsen zal al ingenomen zijn door kinderen die wel via de website werden aangemeld.
2. Als er te weinig plaatsen zijn in een school of klasgroep, wordt uw kind gerangschikt op basis van de afstand thuis-school.
3. Uw kind kan voor meerdere scholen aangemeld worden, ook in de andere gemeenten. Dit verhoogt de kansen op een plaats in een school van uw voorkeur.
U krijgt dan een ticket waarmee u kan inschrijven in een school.

leerlingen Leeuwse scholen nemen deel aan 22ste scrabbletornooi

VLEZENBEEK: – In CC De Merselborre heeft de 22ste jaargang van de scrabble voormiddagen voor scholen georganiseerd door Cultuurcentrum Coloma plaats.
Alle leerlingen van het 4de, 5de en 6de studiejaar van Sint-Pieters-Leeuw – zowel gemeentelijk als vrij onderwijs – nemen aan dit tornooi deel.
2016-01-27-jeugd-scrabbletornooi_Vlezenbeek (5)
Deze voormiddag luisterden de leerlingen van het 5de leerjaar naar de tips en deskundige uitleg van scrabblegrootmeester Huub Moonen en Rita Desmecht alvorens aan te vatten met de spelletjes.
De kinderen zoeken woordjes, ontdekken nieuwe woordjes, ze zoeken naar langere woordjes en zijn zo dus bezig met taal.
De kinderen van Ave-Maria, Den Top, Populiertje, Wegwijzer en Groene Parel maakten er een gezellige wedstrijd van.

Deze slideshow vereist JavaScript.


vrijdag 29 januari 2016 – scrabbletornooi 2016
In samenwerking met de Vlaamse werkgroep De Vrede vzw organiseert CC Coloma voor de 22ste keer een scrabbletornooi voor professionelen, families, gelegenheid- en verwenspelers. Op vrijdag 29 januari 2016 in CC De Merselborre.

Prijs: 5 euro (volwassenen) -10 euro (gezin met kinderen)
Locatie: De Merselborre, Schaliestraat 2 te Vlezenbeek
Organisatie: PEVA vzw Cultuurcentrum Coloma – 02 371 22 62 – denis.deneulin@sint-pieters-leeuw.be

Examendienstregeling De Lijn december 2015

2014-05-05-De-Lijn_171_busbaan_Bergensesteenweg_N6_04SINT-PIETERS-LEEUW / REGIO: – Vanaf begin december zijn er weer examens voor de scholieren. De Lijn Vlaams-Brabant past naar goede gewoonte haar dienstregeling dan lichtjes aan om de jongeren na het afleggen van de examens zo vlot mogelijk naar huis te brengen.

Voor de scholen in Dilbeek worden de volgende extra ritten ingelegd:
-Lijn 127 – het vertrek 12.20 uur uit Dilbeek Sint-Antoon naar Ninove Centrum.
-Lijn 570 – het vertrek 12.15 uur uit Dilbeek Regina Caeli naar Schepdaal Markt.
-Lijn 571 – het vertrek 12.15 uur uit Dilbeek Regina Caeli naar Halle Station.

Voor de scholen in Halle – Lembeek worden de volgende bijkomende rittenvoorzien:
-Lijn 153 – rit 12.14 uit Lembeek Sancta Maria naar Leerbeek Stelplaats.
-Lijn 153 – rit 12.10 uur uit Halle Atheneum naar Drogenbos Shopping.
-Lijn 154 – rit 12.12 uur uit Halle Atheneum naar Ukkel Stelplaats.
-Lijn 156 – rit 12.20 uur uit Halle Atheneum naar Lembeek Malheide.
-Lijn 162 – rit 13.05 uur uit Leerbeek Stelplaats naar Vollezele De Zwaluw.
-Lijn 163 – rit 12.10 uur uit Halle Station naar Leerbeek Stelplaats.
-Lijn 163 – rit 12.10 uur uit Halle Station naar Pamel Kerk.
-Lijn 164 – rit 12.35 uur uit Halle Station naar Leerbeek Stelplaats.
-Lijn 160 – rit 13.05 uur uit Leerbeek Stelplaats naar Edingen Station.
-Lijn 572 – rit 12.22 uur uit Halle Station naar Zellik Dorp.
-Lijn 573 – rit 12.15 uur uit Halle Station naar Schepdaal Markt.
De volgende bestaande ritten worden aangepast:
-Lijn 154 – het vertrek om 12.08 uur uit Halle AZ naar Anderlecht Het Rad zal vertrekken om 12.10 uur uit Halle Atheneum en via Halle AZ naar Anderlecht rijden.
-Lijn 155 – het vertrek 12.34 uur uit Halle AZ naar Anderlecht Het Rad zal vertrekken om 12.30 uur uit Halle Atheneum en via Halle AZ naar Anderlecht rijden.
-Lijn 171 – het vertrek 12.19 uur uit Brukom naar Anderlecht Het Rad zal vertrekken om 12.23 uur uit Halle Station naar Anderlecht.
-Lijn 810 – het vertrek 12.30 uit Halle Station naar Dilbeek Moermans zal vertrekken om 12.15 uur uit Halle Atheneum en ook doorrijden tot Groot-Bijgaarden Kartonfabriek.

Voor het Sint-Godelieve Instituut in Sint-Martens-Lennik worden de volgende bijkomende rittenvoorzien:
-Lijn 118 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve naar Itterbeek Dorp.
-Lijn 142 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve naar Anderlecht Erasmus.
-Lijn 160 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Godelieve via Leerbeek naar Sint-Pieters-Kapelle.
-Lijn 164 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve naar Beert Kerk.
-Lijn 165 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve naar Ternat Station.
-Lijn 502 – het vertrek 12.10 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve naar Leerbeek.
De volgende bestaande ritten worden aangepast:
-Lijn 145 – het vertrek 13.03 uur uit Sint-Pieters-Leeuw Site 250 naar Brussel Zuid wordt vervangen door een rit op lijn 144 – het vertrek 12.20 uur uit Lennik Sint-Godelieve naar Brussel Zuid.
-Lijn 162 – het vertrek 12.35 uur uit Leerbeek Stelplaats naar Ninove Station zal vertrekken om 12.15 uur uit Sint-Martens-Lennik Sint-Godelieve.

capaciteitsmonitor Vlaams Parlement toont aan Sint-Pieters-Leeuw behoort tot sterkste stijgers gewoon basisonderwijs

2015-10-08-capaciteitsbarometer-basisonderwijs_Sint-Pieters-Leeuw_16percent-2VLAANDEREN / SINT-PIETERS-LEEUW: – In het Vlaams Parlement is de capaciteitsmonitor schoolinfrastructuur voorgesteld. Deze monitor voor het basis- en secundair onderwijs brengt een verfijnde prognose van de verwachte vraag aan plaatsen in de klassen samen met de verwachte toekomstige aanbodcapaciteit. Het is voor het eerst dat er zo’n gedetailleerd wetenschappelijk onderzoek gebeurt naar de capaciteitsbehoeften tot in 2030. De groei van het aantal leerlingen in het gewoon basisonderwijs in Vlaanderen stabiliseert vanaf het schooljaar 2017-2018 en daalt licht tot het schooljaar 2023-2024. In het gewoon secundair onderwijs volgt een duidelijke stijging vanaf volgend schooljaar tot en met het schooljaar 2025-2026. De grote steden en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zien hun leerlingenaantallen globaal stijgen. Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits wil met deze capaciteitsmonitor de lokale capaciteitsbehoeften beter en preciezer kunnen inschatten, waardoor de voorziene capaciteitsmiddelen gerichter kunnen worden ingezet.

2015-10-08-capaciteitsbarometer-basisonderwijs_Sint-Pieters-Leeuw_16percentSint-Pieters-Leeuw staat in de lijst van sterkste stijgers gewoon basisonderwijs in procentuele termen (2012-2013 –2020-2021) op de 19de plaats met een stijging van 16,2%.

Basisonderwijs vraagzijde
Voor het Nederlandstalig gewoon basisonderwijs stijgt de vraag globaal sterk tot en met het schooljaar 2016-17 (716.464 leerlingen), daarna volgt een periode van stabiliteit tot het schooljaar 2023-24 (716.894 leerlingen), waarna de leerlingenaantallen terug beginnen toe te nemen (in het schooljaar 2030-31 (740.534 leerlingen).
In de provincies Limburg en West-Vlaanderen is de stijging van de leerlingenaantallen minder sterk. Daarna volgt er een daling. Voor de provincies Vlaams-Brabant, Oost-Vlaanderen en Antwerpen is er op langere termijn een aanzienlijke stijging merkbaar. Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de toename het grootst.

Sinds 2010 maakt de Vlaamse Regering jaarlijks specifieke middelen vrij om nieuwe schoolcapaciteit te creëren in die gemeenten in Vlaanderen en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die kampen met een dreigend tekort aan schoolplaatsen. In 2015 werd er 35 miljoen euro bouwsubsidies toegekend op basis van lokaal aangeleverde en centraal beschikbare capaciteitsgegevens en aan de hand van een reeks objectieve parameters. Goed voor ruim 7300 nieuwe plaatsen in de klassen in het basisonderwijs. Daarnaast werd nog eens 15 miljoen euro via de reguliere financiering toegekend aan projecten op de wachtlijst, die ook capaciteitsuitbreiding beogen.

Vlaams minister van Onderwijs Hilde Crevits: “Meten is weten. De capaciteitsmonitor vervult een belangrijke signaalfunctie. Voor het eerst beschikken we over verfijnde prognoses over het aantal leerlingen in het basis- en secundair onderwijs in de dichte en verdere toekomst en krijgen we een inzicht in de omvang en de duur van mogelijke capaciteitstekorten. De leerlingencijfers zijn variabel in tijd en verschillen ook per locatie. Dat geeft aan dat flexibele gebruiksvormen van schoolgebouwen nodig zijn zoals bijvoorbeeld het promoten van huursubsidies en de multi-inzetbaarheid van schoolgebouwen. Deze capaciteitsmonitor zal ons helpen om verder gericht te investeren en de grote uitdagingen rond scholenbouw de volgende jaren doelgericht aan te pakken.”

Zie ook onze eerder gepubliceerde artikels:
24/04/2015 – Minister Crevits kent 1.500.000 euro toe voor extra schoolcapaciteit in Sint-Pieters-Leeuw
10/12/2014 – Leeuw wil nieuwe school voor 300 leerlingen gezien het capaciteitsprobleem in de gemeente

Huiswerkkaart helpt kinderen in Leeuwse scholen

SINT-PIETERS-LEEUW: – Je boekentas leegmaken, een planning opstellen, de agenda laten nakijken,… het zijn enkele huiswerktips die leerlingen aan het begin van het schooljaar meekrijgen. Maar niet alle leerlingen en/of hun ouders zijn even goed op de hoogte van deze afspraken rond huiswerk.
Om leerlingen te helpen met hun huiswerk en ouders met het begeleiden van hun kind ontwikkelden de dienst Integratie/Taalstimulering en Onderwijs in samenwerking met de Leeuwse scholen een huiswerkkaart voor de eerste graad van het basisonderwijs.

2015-09-09-huiswerkkaart_01
Huiswerk is een belangrijk aspect van het schoolse leren. In Sint-Pieters-Leeuw willen wij ons inzetten om alle kinderen maximaal kansen te geven. Dit willen we onder andere doen door ouders te ondersteunen in het begeleiden van het huiswerk.” zegt Gunther Coppens, Schepen voor Onderwijs.

Op de kaart staan duidelijke tips over het creëren van een goede leeromgeving, het doel van huiswerk en hoe kinderen het best aan hun taken beginnen. Door de medewerking van de scholen ontstond er een kaart met tips die voor alle leerlingen van toepassing zijn. Naast de tips staan er enkele weetjes op de kaart en wordt er verwezen naar de afspraken die eigen zijn aan de school.

Met het advies van het Agentschap Integratie en Inburgering en Het huis van het Nederlands werden de tips ook voor anderstalige kinderen en hun ouders goed lees- en verstaanbaar.

De tips werden vergezeld van een tekening die een rustige omgeving toont en waar het aangenaam werken is, eronder wordt een omgeving afgebeeld waar het best moeilijk is om je gedachten erbij te houden.

2015-09-09-huiswerkkaart_02Reeds enkele jaren geleden startte de gemeente met huiswerkbegeleiding in de Ruisbroekse scholen. Naast huiswerkklassen werd er ook een vormingstraject aangeboden voor leerkrachten en ouders. Dankzij de middelen voor taalstimulering en de inzet van vrijwilligers kunnen wij nu onze huiswerkklassen uitbreiden naar andere scholen. Om alle kinderen en ouders een duwtje in de rug te geven bij de start van de lagere school ontwikkelden we deze huiswerksteekkaart.“ besluit Marleen De Kegel, Schepen voor Vlaams Beleid en Integratie.

Jonge uitvinders Basisschool Jan Ruusbroec testen hun Muziekmachine

RUISBROEK: – De leerlingen van de 4de en 6de klas van de Basisschool Jan Ruusbroec ontvingen vandaag in Don Bosco Halle van de 4de jaars beroep hout hun zelf bedachte “Muziekmachine”.
2015-06-03-muziekdoos (08)

MyMachine Vlaanderen, een initiatief van MyMachine vzw in samenwerking met Vlajo, maakt het mogelijk voor kleine en grote kinderen om hun eigen droommachine te ontwikkelen. Kinderen uit het lager onderwijs bedenken een ‘machine’ (IDEE) die dan verder wordt uitgewerkt door hogeschoolstudenten Industrieel Productontwerpen van Howest (ONTWERP) om tenslotte te worden gerealiseerd door leerlingen uit het technisch onderwijs (MACHINE).Meer dan 600 kinderen en studenten uit 22 scholen uit heel Vlaanderen gingen afgelopen schooljaar aan de slag om 24 ingenieuze droommachines en 1 nieuwe MyMachine-computergame te realiseren.
2015-06-03-muziekdoos (14)
Uitvinders krijgen voor het eerst hun droommachine te zien
In het 4de jaar Beroeps Hout van Don Bosco in Halle slaagde Kenar Asim en Karlien Bonnewyn er met de hulp van Anne Dewinter en meester Matthias Agneessens er in om een prachtige droommachine te realiseren.
Frans Van Nieuwenhuyse, Technisch directeur bij Don Bosco Halle:” Het is een mooie droommachine geworden maar er waren voor de hoge school in Kortrijk en voor de leerlingen hier in Don-Bosco toch enkele kopbrekers om de machine te realiseren. Want het bleek toch niet allemaal zo eenvoudig om dit te maken. Ze hebben de laatste dagen nog heel hard moeten werken om het tegen vandaag klaar te krijgen. De droommachine bestaat nu uit vier reeksen buizen met steeds een andere toonhoogte. Dus als je het zelfde liedje speelt aan een andere kant van de machine zal het zelfde liedje steeds anders klinken. Dat is allemaal berekend geweest dat die buizen in de machine allemaal de juiste lengte hebben om de verschillende noten en toonhoogten  te bereiken. Later waar je ook gaat na de lagere school zal je dat leren in de lessen fysica en natuurkunde hoe dat komt.  
De jonge uitvinders van Basisschool Jan Ruusbroec uit Ruisbroek waren onder de indruk toen ze hun ‘Muziekmachine’ te zien kregen.

De Muziekmachine
Alexia Castillo droomde van een machine die muziek op de speelplaats zou brengen (zie artikel 24 oktober 2014). Vandaag was ze zeer blij met het resultaat en hoopt ze dat er veel op gespeeld zal worden op de speelplaats.
De muziekmachine bestaat uit een hele grote klankkast met buizen. Op de buitenzijde vind je een muziekboekje. Zo heeft elke buis zijn eigen klankkleur en kan elk kind – letterlijk – aan de slag om van de speelplaats een feestelijke en muzikale omgeving te maken!

Deze slideshow vereist JavaScript.


Slottentoonstelling MyMachine – small dreams, big ideas
Na het voorstellingsmoment vertrekt de machine richting Kortrijk en wordt ze samen met alle andere machines en de MyMachine computergame gepresenteerd aan het brede publiek tijdens de MyMachine Vlaanderen Tentoonstelling 2015 in de Budafabriek in Kortrijk van 18 juni t/m 28 juni 2015.

In Den Toffen Hof gaat de basisschool Jan Ruusbroec en dienstencentrum ’t Paviljoentje tuinieren

RUISBROEK: – In samenwerking met de gemeente Sint-Pieters-Leeuw en Pro Natura werd in de school Jan Ruusbroec een educatieve tuin ingericht.
2015-05-26-in-den-toffen-hof (22)
De bedoeling is om kinderen meer groen te geven op de speelplaats, maar ook om kinderen te leren tuinieren. Dit project wordt gerealiseerd en gecofinancierd in het kader van het project Vlaamse Rand, in opdracht van de Vlaamse regering en met steun van de provincie Vlaams-Brabant.

De educatieve tuin zal gedeeld worden tussen de kinderen van de school en het dienstencentrum ’t Paviljoentje. Op deze manier wordt de interactie tussen jong en oud bevorderd. Het dienstencentrum ’t Paviljoentje heeft naast de kinderen van de school ook inspraak gehad in de inrichting van de tuin. De tuin kreeg van de senioren meteen de naam “Den Toffen Hof”.
De tuin bestaat nu uit  vier groentenbakken, een kruidenspiraal, een insectenboom en een bloemenweide.  Aan de andere kant van de tuin staan er twee plantenbakken die door de senioren van het dienstencentrum ’t Paviljoentje worden onderhouden al zullen zij tijdens de schoolvakanties ook voor het onderhoud van de schooltuin zorgen. En natuurlijk wordt er ook een zithoek met banken voorzien.

Deze slideshow vereist JavaScript.


In de vrije school Jan Ruusbroec is de aanleg van de educatieve tuin een mooie aanvulling op het project ‘Groen Ruisbroek’ dat zich situeert aan de sporthal van Ruisbroek met het speelbos. De wandelweg van de sporthal naar het dienstencentrum ’t Paviljoentje is een mooie link tussen beide locaties.

Techniek? Ook in mijn klas. Provincie en RVO-Society helpen basisscholen met het halen van de eindtermen techniek

2015-04-23-techniekookinmijnklasVLAAMS-BRABANT: – De provincie Vlaams-Brabant en RVO-Society helpen basisscholen bij het opstellen van een schoolwerkplan ‘Techniek’. Zo kunnen deze scholen de eindtermen van dit vak gemakkelijker halen.

Sinds het schooljaar 2010-2011 moeten de nieuwe eindtermen en ontwikkelingsdoelen ‘Techniek’ uitgevoerd worden in elke school. Toch hebben scholen en leerkrachten vaak moeite hebben om dit in te vullen.

Reeds drie jaar slaan de provincie Vlaams-Brabant en RVO-Society de handen in elkaar om basisscholen een schoolwerkplan ‘Techniek’ te helpen uitwerken. Om tegemoet te komen aan de vraag vanuit de scholen en om iedere Vlaams-Brabantse basisschool de kans te geven van dit aanbod gebruik te maken, blijven we inzetten op deze samenwerking. Deze succesformule van het traject ‘Techniek? Ook in mijn klas’ slaat aan bij de scholen door de sterk praktijkgerichte insteek ervan’, zegt Marc Florquin, gedeputeerde voor onderwijs.

Tijdens het traject ‘Techniek? Ook in mijn klas’ wordt er gedurende één schooljaar, de hele school op sleeptouw genomen om techniek in de basisschool in te voeren, uit te bouwen en/of structureel te maken. Doorheen het traject nemen de leerkrachten van de school deel aan 3 workshops verspreid over het hele jaar. De workshops worden per leerjaar gegeven waardoor deze op maat zijn van het jaar waarin men les geeft. Voor de kleuterschool werden aparte workshops voorzien. Jaarlijks kunnen 12 scholen deelnemen.

Tijdens de voorbije twee schooljaren werden reeds 24 scholen ondersteund en begeleid.
Het gaat om Sint-Lutgardis uit Sint-Pieters-Leeuw, Jan Ruusbroec uit Ruisbroek,lagere school Materdei uit Leuven, Woudlucht uit Heverlee, GVBS De Klimming uit Affligem-Essene, SBS Kinderkoppen uit Vilvoorde, De Klimop uit Schepdaal, Parkschool Relst uit Kampenhout, Basisschool De Duizendpootrakkers uit Opwijk, VBS uit Tremelo, GKS Dol-Fijn uit Liedekerke, De Oogappel uit Zoutleeuw, VBS  Basisschool ‘De Vlindertuin’ uit Averbode, GBS Keerbergen, Parkschool Leuven, Schooltje van Oppem uit Meise, VBS De Bolster uit Neerijse, BBOG Woudlucht-Vestiging Klaverblad uit Scherpenheuvel, GBS Wauterbos uit Sint-Genesius-Rode, Basisschool De Winge uit Tielt-Winge, SBS 6 De Kastanjelaar uit Vilvoorde, SBS 2 ’t Groentje uit Vilvoorde, Basisschool De Zonnebloem uit Wolvertem, GVBS Sint Leonardus uit Zoutleeuw en VBS De Heide uit Londerzeel.

leerlingen luisterden geboeid naar jeugdauteur Kolet Janssen

SINT-PIETERS-LEEUW: Ter gelegenheid van de jeugdboekenweek had de bibliotheek van Sint-Pieters-Leeuw schrijfster Kolet Janssen uitgenodigd op de Rozenzolder van het Colomakasteel voor enkele lezingen aan de leerlingen van het 4de leerjaar van de Leeuwse basisscholen.
2015-03-23-jeugdboekenweek_schrijfster_KoletJanssen_01
Het werd een boeiende lezing waarbij de leerlingen leerden dat een boek schrijven toch niet zo eenvoudig is.
Kolet Janssen is auteur van ondermeer “Slijmbal, superman en soepjurk” en “De zevensprong”.
2015-03-23-jeugdboekenweek_schrijfster_KoletJanssen_03 2015-03-23-jeugdboekenweek_schrijfster_KoletJanssen_02

Task Force voor onderwijs Vlaamse Rand start in april

Hilde-CrevitsDE RAND: – Minister van Onderwijs Hilde Crevits kondigde donderdag in de Commissie voor Onderwijs de oprichting van een Task Force Onderwijs Vlaamse Rand aan. Deze werkgroep die het taalbeleid van de scholen in de Vlaamse Rand onder de loepe moet nemen start in april zijn werkzaamheden.

Eén van de grootste problemen waar onze scholen mee te kampen hebben, is de taalachterstand. De voorbije jaren is het aantal leerlingen dat thuis geen Nederlands spreekt in de Vlaamse rand sterk toegenomen. Om te vermijden dat die taalachterstand zich omzet in leerachterstand, richt minister van Onderwijs Crevits een Task Force op.

Minister Hilde Crevits zei tijdens de Commissie voor Onderwijs van 19 maart 2015:
‘De cijfers zijn een doorzetting van een evolutie die al langer gaande is in de Vlaamse Rand. Er is vandaag nog altijd tweerichtingsverkeer. Er zijn nog steeds 3349 leerlingen in het Nederlandstalig basisonderwijs in Brussel en 5624 leerlingen in het secundair onderwijs in Brussel woonachtig in een Vlaamse gemeente. Daar komen nog een kleine 20.000 leerlingen bij uit de Vlaamse Rand, die in het Franstalig onderwijs in Brussel of Wallonië ingeschreven zijn. Die cijfers vertellen natuurlijk niet het volledige verhaal van de wisselwerking tussen Brussel en de Vlaamse Rand. Ze geven wel de relatie aan tussen de woonplaats en de plaats waar leerlingen naar school gaan. Ze brengen niet de verhuizingsbewegingen in kaart. Onderzoek daarover wijst uit dat de bevolkingsaangroei in de Vlaamse Rand vooral wordt bepaald door migratie uit Brussel. Dat is geen groot geheim voor jullie. Het socio-economisch profiel van de verhuizers is hoger dan gemiddeld in Brussel, en het gaat in toenemende mate om mensen met een niet-Belgische origine. Ik verwijs hiervoor naar een bijdrage in Brussels Studies van 23 februari 2015 van Filip De Maesschalck, Tine De Rijck en Vicky Heylen.

Op basis van de cijfers die ik net heb genoemd, schuiven we drie beleidslijnen naar voren.
Ten eerste moeten scholen in de Vlaamse Rand en in Brussel werk maken van een performant talenbeleid, om leerlingen die thuis geen Nederlands spreken zo goed mogelijk te helpen de onderwijstaal te beheersen. De ondersteuning inzake taalvaardigheid die door het Samenwerkingsverband Netgebonden Pedagogische Begeleidingsdiensten (SNPB) werd verleend aan de basisscholen in de Rand, wordt nu geïntegreerd in de middelen van de pedagogische begeleidingsdiensten, om die zo snel en dicht mogelijk ter plaatse te krijgen.
Twee. De capaciteitsproblemen in de Vlaamse Rand en Brussel zijn met elkaar verbonden, er is een zeer sterke wisselwerking tussen beide gebieden. Ik had het er al over. Bij de uitwerking van het masterplan scholenbouw is dit een aandachtspunt en een voorbeeld van de noodzaak om de problematiek niet enkel op gemeentelijk niveau te benaderen. De capaciteit van het Nederlandstalig onderwijs in Brussel moet met andere woorden voldoende zijn, onder meer om de druk op het onderwijs in de randgemeenten te verminderen. Uiteraard moet in de Vlaamse Rand zelf eveneens een beleid worden gevoerd. Kleinere gemeenten die moeite ondervinden om zelf een masterplan uit te werken, zullen op basis van de capaciteitsmonitor beter in staat moeten zijn de noden in hun gemeente in kaart te brengen.
Het is de eerste keer dat ik over die capaciteitsdossiers moet oordelen. Dit is geen kritiek op wat er bestaat, maar ik blijf het vreemd vinden dat we dit zo gemeentelijk bekijken. De Rand en Brussel zijn met elkaar verbonden. Het is een moeilijke afweging, zeker als je alle noden ziet.
Dan de derde beleidslijn. Het fenomeen van suburbanisatie in de Vlaamse Rand is een duidelijk feit, maar doet zich in de Vlaamse Rand op ongelijke wijze voor. De Vlaamse Rand zelf is dus geen homogeen gebied, wat betekent dat je in bepaalde zones een andere aanpak nodig zult hebben.
De taskforce wordt zeer binnenkort opgericht. We zijn het eens geraakt over de samenstelling. Dat is al een hele stap vooruit. Ik deel u met veel plezier die samenstelling mee. Uiteraard zal mijn eigen beleidsdomein erin vertegenwoordigd zijn, samen met de Cel Vlaamse Rand van het departement Bestuurszaken, vzw ‘de Rand’ en het Platform van Gemeenten uit de Vlaamse Rand. Ik laat ook vertegenwoordigers toe vanuit de scholen: de scholengroepen 9 en 10, een vertegenwoordiging vanuit het vrij gesubsidieerd onderwijs, een vertegenwoordiging vanuit het officieel gesubsidieerd onderwijs. Er zijn ook: een ervaringsdeskundige uit de Brusselse context, de provincie Vlaams-Brabant, het Huis van het Nederlands Vlaams-Brabant, vertegenwoordigers van de pedagogische begeleidingsdiensten en een vertegenwoordiger van het Centrum voor Taal en Onderwijs van de KU Leuven. De taskforce is een werkgroep binnen de onderwijsadministratie en wordt ook van daaruit aangestuurd. Mijn administratie zal het voorzitterschap ervan opnemen.
De taskforce heeft tot doel om ideeën uit te wisselen tussen experten uit het onderwijsveld en experten op het vlak van specifieke aandachtspunten van de Vlaamse Rand, waaronder het taalbeleid. De expertise die daarrond al in Brussel werd opgebouwd, moet binnen de taskforce dan ook zeker een plaats krijgen. De beleidsmatige aandacht voor het talenbeleid in de Brusselse scholen is hoger dan in de rest van Vlaanderen en evolueert ook positief. Als scholen uit Brussel en de Vlaamse Rand de handen in elkaar slaan, zullen we er beter in slagen om de knowhow die er is om te zetten in resultaten.
De taskforce moet ook een forum bieden waar schoolbesturen die met gelijkaardige situaties te maken hebben ideeën kunnen opdoen. Daarnaast zal de taskforce ook input bieden aan de begeleidingsdiensten die nu ook al goede praktijken verder verspreiden. Ook binnen de scholengemeenschappen kunnen scholen elkaar versterken. Dat doet mij besluiten dat de bestuurlijke schaalvergroting daarin ook een rol kan spelen doordat de samenwerking tussen scholen binnen één bestuur kan worden versterkt.
Scholen moeten sedert 1 september 2014 het niveau van de onderwijstaal van leerlingen bij de eerste instroom in het gewoon lager onderwijs en het gewoon voltijds secundair onderwijs screenen, waarna ze, indien het resultaat daartoe aanleiding geeft, in een vervolgtraject moeten voorzien. We hebben een paar weken of maanden geleden die hele discussie gevoerd.
Scholen zijn vrij in de invulling van dit traject, bijvoorbeeld met een taalbad, maar het is net hier dat de taskforce inspirerende voorbeelden kan verzamelen.
Ik doe geen voorafname betreffende de ‘good practices’ of ‘werkbare methodieken’. Dat is de taak van de werkgroep. Ik wil ook de vertegenwoordigers uit het werkveld en de experten volop de kans geven om te komen tot een analyse en een aantal aanbevelingen.
Met alle respect voor de resultaten die deze werkgroep ongetwijfeld zal bereiken, wil ik wel onderstrepen dat de keuze van de methodieken ook in de toekomst tot de expliciete bevoegdheid van de scholen zelf blijft behoren. Die werkgroep kan wel inspirerend en faciliterend werken.’

Meer info: www.vlaamsparlement.be/Proteus5/showJournaalLijn.action?id=968465