Vlaams-Brabant en GAS-boetes: coördineren en optimaliseren

VLAAMS-BRABANT: – Op 1 januari 2014 treedt de nieuwe wet i.v.m. de gemeentelijke administratieve sancties in werking. Sinds 2003 behandelen 2 provinciale ambtenaren voor 57 van de 65 Vlaams-Brabantse gemeenten de lokaal vastgestelde inbreuken. De Groenfractie in de provincieraad bekeek de toepassing van de GAS-boetes in Vlaams-Brabant.

Luc-DebraekeleerProvincieraadslid Luc Debraekeleer (uit Sint-Pieters-Leeuw):
“Een aantal absurde beslissingen in de voorbije jaren hebben van de GAS-boetes een controversieel item gemaakt. Uit de cijfers voor 2009-2012 leren we echter dat de provincie Vlaams-Brabant grosso modo gespaard bleef van de excessen bij GAS-boetes. De vaststelling van inbreuken en de bestraffing ervan strookt met het uitgangspunt van de gemeentelijke sancties: de gemeenten een instrument aanbieden voor een efficiënt optreden bij overlast. Het gros van de GAS-dossiers gaat over feiten waarover een consensus bestaat: sluikstorten, niet reglementair buitenzetten huisvuil, permanent nachtlawaai. Geverbaliseerde inbreuken zijn niet lachwekkend of zinloos.

GAS-boetes worden dikwijls onmiddellijk aan jongeren gelinkt. Luc Debraekeleer: “De cijfers voor 2009-2012 spreken ook de perceptie tegen dat GAS-boetes vooral jongerenboetes zijn. Slechts 1,5% van de dossiers zijn dossiers waarin minderjarigen betrokken zijn. Van een heksenjacht op jongeren lijkt in Vlaams-Brabant geen sprake. Een probleem ontstaat wel wanneer jongeren in de ene gemeente gesanctioneerd worden voor een feit dat in een andere gemeente door de vingers wordt gezien. De provincie kan dit vermijden door te coördineren.”

Voor het provinciebestuur is een belangrijke rol weggelegd op het vlak van de evaluatie van de GAS-wetgeving. Zonder de autonomie van de gemeenten in het gedrang te brengen, moet de provincie voorstellen kunnen doen om de toepassing van de gemeentelijke administratieve sancties te optimaliseren. Luc Debraekeleer besluit: “Het is natuurlijk altijd moeilijk in te schatten of een inbreuk echt moet leiden tot een GAS-boete, maar de inbreng van de provinciale ambtenaren biedt zeker een kader voor het nemen van correcte coherente beslissingen. “

coalitievorming provincie Vlaams-Brabant bekend

VLAAMS-BRABANT: – Gisterenavond is een principe-akkoord bereikt over de provinciale coalitievorming in VlaamsBrabant. Na besprekingen tussen alle democratische partijen, bleken de huidige coalitiepartners  CD&V, Open VLD en sp.a, aangevuld met Groen, zich het best te kunnen vinden om een gemeenschappelijk programma voor de provincie Vlaams-Brabant op te stellen. Met deze partijen beschikken ze over een meerderheid binnen de nieuw samengestelde provincieraad.

De deputatie zal samengesteld worden als volgt: 2  CD&V, 2 VLD, 1 SP.a en 1 Groen!

De grootste partij van deze meerderheid, CD&V, zal 2 gedeputeerden leveren in de nieuwe deputatie, alsook de provincieraadsvoorzitter. VLD heeft 2 gedeputeerden, SP.a en Groen! hebben elk 1 gedeputeerde

In de provincieraad zullen 3 raadsleden uit Sint-Pieters-Leeuw zetelen: Lieve Vanlinthout (CD&V) , Katleen Burry (NV-A) en Luc Debraekeleer (Groen).

Provincie riddert Luc Debraekeleer in de Leopoldsorde

SINT-PIETERS-LEEUW: – Op 18 januari reiken provinciegouverneur Lodewijk De Witte en Vic Laureys, voorzitter van de provincieraad, plechtig eervolle onderscheidingen uit aan negen provinciale mandatarissen. Eén van de onderscheidingen, ‘Ridder in de Leopoldsorde’ gaat naar Luc Debraekeleer, fractievoorzitter GROEN! uit Sint-Pieters-Leeuw.

Vezrder worden ook Albert Absillis, provincieraadslid uit Vilvoorde, Arlette Caes, provincieraadslid uit Herent, Manu Claes, provincieraadslid uit Scherpenheuvel-Zichem, Peter Corens, ondervoorzitter uit Schrepenheuvel-Zichem, Rik De Baerdemaeker, provincieraadslid uit Asse,  Ann Schevenels, quaestor uit Keerbergen, Monique Swinnen, gedeputeerde uit Aarschot, en Johnny Van Droogenbroeck, secretaris uit Liedekerke, benoemd tot ‘Ridder in de Leopoldsorde’ .

De onderscheiding ‘Ridder in de Leopoldsorde’ wordt toegekend aan mandatarissen die minstens vijftien jaar in de provincieraad zetelen.