Vanaf 2017: 70 snelheidsnorm buiten de bebouwde kom

VLAANDEREN / BEERSEL / SINT-PIETERS-LEEUW: – Vlaams minister Ben Weyts lanceerde vanmorgen onder ruime persbelangstelling op de Bergensesteenweg een campagne om chauffeurs  te wijzen op een nakende revolutie langs onze wegen. Vanaf 1 januari 2017 wordt 70km/u de norm buiten de bebouwde kom.

Dankzij de ingreep kunnen er ongeveer 30.000 verkeersborden verdwijnen. De weg wordt beter leesbaar en de verkeerssituatie wordt veiliger. “Met minder onduidelijkheid en minder borden mikken we op minder doden“, zegt Weyts
2016-11-23-zone70km-7

Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts maakt komaf met de absurde situatie op de wegen buiten de bebouwde kom. Officieel is de snelheidsnorm buiten de bebouwde kom vandaag 90 km/u, maar die officiële maximumsnelheid wordt op de meeste plaatsten naar beneden bijgesteld. In dat geval moet die wijziging bij elke wegkruising opnieuw aangeduid worden. Gevolg: een oerwoud aan verkeersborden langs de Vlaamse wegen. Omdat de regels nu sterk vereenvoudigd worden, kunnen er ongeveer 30.000  snelheidsborden voorgoed verdwijnen.

Vanaf 1 januari 2017 wordt 70 km/u de norm buiten de bebouwde kom. De hogere maximumsnelheid van 90 km/u kan alleen nog op plaatsen waar vrijliggende fietspaden liggen en de verkeersveiligheid niet in het gedrang gebracht wordt door bomen of uitgebreide bebouwing vlakbij de weg.

De copernicaanse revolutie langs onze wegen past ook in de strijd tegen de schande van 400 verkeersdoden op 1 jaar tijd. 68% van de dodelijke slachtoffers valt buiten de bebouwde kom. Studies van het BIVV tonen aan dat chauffeurs zich binnen de bebouwde kom nog relatief goed aan de maximumsnelheid houden. “Eenmaal buiten de bebouwde kom duwen we het gaspedaal vaak te hard in”, zegt Weyts. “We  maken de wegen buiten de bebouwde kom nu beter leesbaar. Minder verwarring moet zorgen voor meer veiligheid”.

Weyts heeft nu een campagne gelanceerd om de weggebruikers te informeren over de vereenvoudiging van de maximumsnelheid. Op ongeveer 400 locaties langs de weg komen er affiches. Er komen spotjes op radio en TV. Buitenlandse weggebruikers worden geïnformeerd via buitenlandse transportfederaties en automobilistenorganisaties “Sleutelen aan de snelheidsregimes zal me geen populariteitsprijzen opleveren”, beseft Weyts. “Het is echter mijn verdomde plicht om te strijden tegen de schande van de 400”.

Meer info: www.70.vlaanderen

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Toerisme Vlaanderen gaat Toerisme Pajottenland & Zennevallei ondersteunen bij de opmaak van een gedetailleerd businessplan voor het hefboomproject vzw Bruegel

2016-10-16-kapelVLAANDEREN / PAJOTTENLAND: – 18 toeristische hefboomprojecten zijn geselecteerd voor financiering door Vlaams minister van Toerisme Ben Weyts. Toerisme Vlaanderen zal de geselecteerde indieners nu begeleiden bij de opmaak van een gedetailleerd businessplan. “We zijn op zoek naar nieuwe toeristische trekpleisters, die bezoekers uit de hele wereld naar Vlaanderen lokken”, zegt Weyts. “We investeren fors om ons toerisme naar een hoger niveau te tillen”.

Vlaanderen heeft al veel toeristische troeven, maar het internationale publiek is altijd op zoek naar nog meer beleving. Vlaams minister van Toerisme Ben Weyts investeert daarom gericht in ambitieuze toeristische projecten die een hefboom zijn voor het hele toerisme. Zo gaf Weyts onlangs financiële steun aan onder meer het DIVA Antwerp Home of Diamonds, het ‘Time Castle’ in het Gentse Gravensteen en de ‘Librije’ in de Koninklijke Bibliotheek in Brussel. Weyts investeert deze legislatuur maar liefst 72,5 miljoen euro in toeristische hefboomprojecten, waarvan er nog meer dan 50 miljoen euro verdeeld kan worden.

Kandidaten kregen de kans om projecten in te dienen rond Vlaamse Meesters, kernattracties en meetinginfrastructuur voor zaken- en congrestoerisme. Er werden 67 voorstellen ingediend, waarvan er na een grondige screening nu nog 18 overblijven. Het gaat over heel diverse voorstellen: van een belevingscentrum rond Brueghel en zijn Dulle Griet in Brussel, over een zintuigenprikkelende herinrichting van Het Steen in Antwerpen tot grootschalige congresfaciliteiten in de voormalige mijn van Waterschei. Elk project wil uitgroeien tot een nieuwe toeristische trekpleister die veel extra bezoekers uit binnen- en buitenland kan lokken.

Elke nieuwe toerist die we kunnen verleiden om naar Vlaanderen te komen, is een nieuwe sponsor voor onze economie”, zegt Weyts. “Toeristische hefboomprojecten werpen dikke vruchten af waar heel Vlaanderen van kan genieten. Meer gasten voor onze horeca, meer klanten voor onze handelszaken, meer inkomsten voor onze toeristische ondernemers”.

De 18 geselecteerde indieners krijgen nu de kans om hun projectvoorstel te verfijnen en een gedetailleerd businessplan uit te werken. Toerisme Vlaanderen gaat de indieners daarbij begeleiden. De businessplannen moeten ten laatste tegen 28 april 2017 ingediend worden. Alleen projecten met een gezond businessplan worden uiteindelijk gefinancierd.
Meer info: http://www.toerismevlaanderen.be/shortlisthefboomprojecten

Shortlist hefboomprojecten Vlaamse Meesters
Voor het impulsprogramma rond Vlaamse Meesters vormen de schilderkunst en het patrimonium van Rubens, Bruegel en de Vlaamse primitieven het uitgangspunt. Hun namen spreken het meest tot de verbeelding in het buitenland en kunnen dus ook de meeste buitenlandse bezoekers aantrekken. De bedoeling is om via deze klassieke meesters ook linken te leggen naar de moderne en hedendaagse kunstenaars in onze regio, en zo Vlaanderen ook op een eigentijdse en trendy manier in de markt te zetten. In de periode 2018-2020 komt er rond de Vlaamse Meesters een groot evenementenprogramma dat alle hefboomprojecten met elkaar verbindt.

Vlaams minister van Toerisme Ben Weyts maakte in december 2015 een eerste selectie van 10 toeristische hefboomprojecten rond Vlaamse Meesters bekend. In oktober 2016 voegde hij daar nog 6 projecten aan toe.


Eén van de reeds in 2015 geselecteerde projecten rond het thema Vlaamse Meesters is Bruegel [450] – Sint-Annakerk, van Bruegel tot morgen van Toerisme Pajottenland & Zennevallei vzw.

Dit project gaat over de site van de Sint-Annakapel in Dilbeek en richt zich op de ontsluiting en beleving van het authentieke Bruegel-landschap in de directe omgeving. De nabijgelegen watermolen, een geuzebrouwerij, wandel- en fietsroutes en omkaderende evenementen worden mee opgenomen in het regionale programma.

Zie onze eerder gepubliceerde artikels:
13/12/15 – Bruegel 450 is geselecteerd hefboomproject om de band tussen Vlaanderen en de Vlaamse Meesters te versterken en internationaal in de kijker te zetten
09/10/2015 – Projectvoorstel: Breugel 450 van de lente tot de winter in het Pajottenland

Rampenfonds: erkenning regenval en overstromingen van 27 mei tot 26 juni 2016

2016-06-07-rampenplan-wateroverlast (4)VLAANDEREN: – De Vlaamse Regering keurt op voorstel van minister-president Geert Bourgeois een besluit goed waarbij de langdurige overvloedige regenval en overstromingen van 27 mei tot 26 juni 2016 op het grondgebied van alle Vlaamse provincies als een algemene ramp wordt beschouwd en waarbij de geografische uitgestrektheid van deze ramp wordt afgebakend.
Na goedkeuring van de erkenning door de Vlaamse Regering volgt de publicatie in het Belgisch Staatsblad. Vanaf de maand na deze publicatie hebben de getroffenen drie maand de tijd om hun dossier bij het Vlaams Rampenfonds in te dienen.

Herbekijk het artikel nav de wateroverlast van 7 juni 2016:
Wateroverlast – Gemeentelijk rampenplan afgekondigd in Sint-Pieters-Leeuw

Uniform logo voor alle Vlaamse fietssnelwegen

2016-05-30-fietssnelwegen-logoVLAANDEREN / RUISBROEK: – De vijf Vlaamse provincies ontwikkelden in samenwerking met mobiliteitsexperts een logo en uniforme bewegwijzering voor de fietssnelwegen.

Zo zal de fietssnelweg Kanaalroute Zuid (15,718 km.) die via Ruisbroek gaat “F20” noemen.

Het nieuwe logo moet de ondertussen 110 fietssnelwegen in Vlaanderen, goed voor 2400 kilometer (zo goed als) rechtlijnige fietsroutes, beter herkenbaar maken. Fietssnelwegen zijn soms moeilijk te volgen omdat ze bestaan uit verschillende soorten infrastructuur: vrijliggende fietswegen, een jaagpad, fietsstraat, autoluwe wegen,…
De vijf Vlaamse provincies ontwikkelden daarom een uniek systeem om de fietsostrades op het terrein herkenbaar te maken: een uniforme beeldtaal voor het volledige Vlaamse fietssnelwegennetwerk, die bestaat uit een logo, een routezuil, bewegwijzering en een unieke nummering voor elke fietssnelweg.

2016-05-30-fiUnieke nummering
Iedere fietssnelweg kreeg een unieke code: de letter F + een cijfer. Zo is de fietssnelweg Leuven-Brussel ‘F3’ en de fietsostrade Antwerpen-Essen ‘F14’. Een nummering gelijkaardig aan de E-nummering van autosnelwegen. Het nummer verschijnt telkens in het logo en op de route van de betrokken fietsostrade. Dat maakt de route herkenbaar en biedt de fietsers meer duidelijkheid. Dit is ook handig voor routeplanners, google maps en voor de hulpdiensten.

De provincie Vlaams-Brabant test het logo en de bewegwijzering uit op de fietssnelweg Leuven-Brussel, die voortaan de F3-route zal noemen. Het proeftraject, over 2 kilometer, situeert zich tussen de fietsbrug over de Bijlokstraat in Herent en de Kolonel Begaultlaan in Wilsele.

De provincies horen graag of de fietsers de bewegwijzering duidelijk vinden. Via deze websites kan je feedback geven www.fietssnelwegen.be. Blijkt uit de resultaten dat bijsturing in de bewegwijzering nodig is, dan voeren de provincies die uit. De conclusies worden ook meegenomen bij het plaatsen van de bewegwijzering op de andere fietsostrades.

FAST in heel Vlaanderen

2016-04-30-fas-takelVLAANDEREN / VLAAMS-BRABANT: – Vanaf 1 mei 2016 kunnen takelbedrijven ook op de Vlaams-Brabantse snelwegen snel ingrijpen. In de andere provincies bewijst het FAST-systeem van snelle takeldienst nu al zijn waarde.

Vlaams-Brabant was een blinde vlek, maar Vlaams minister van Mobiliteit Ben Weyts maakt FAST nu gebiedsdekkend. “Waar zoveel auto’s rijden, gebeuren soms incidenten en accidenten” zegt Weyts. “Met FAST doen we er alles aan om de weg zo snel mogelijk weer vrij en veilig te maken”.

FAST – Files Aanpakken door Snelle Tussenkomst – is een goed georganiseerd systeem van takelwagens, die na een ongeval op de snelweg gemiddeld binnen het kwartier ter plaatse komen. Overbodige tussenstappen worden zoveel mogelijk vermeden, zodat het verkeer sneller vlot getrokken wordt. De voorbije jaren werd het systeem uitgebreid tot bijna heel Vlaanderen, maar Vlaams-Brabant bleef een blinde vlek. “Net het hart van het land is extra gevoelig voor verkeersinfarcten”, zegt Weyts. “Vlaams-Brabant kan FAST goed gebruiken”.

FAST bewijst in de vier andere Vlaamse provincies nu al grote waarde. In 2015 rukten de takeldiensten in West-Vlaanderen, Oost-Vlaanderen, Antwerpen en Limburg uit voor in totaal 13.640 opdrachten. Concreet ging het om ongeveer 3.000 pannes, 5.000 ongevallen, 5.000 verloren voorwerpen en 200 achtergelaten voertuigen. De meeste ongevallen gebeurden in Antwerpen en Oost-Vlaanderen, waar de wegen drukker zijn dan in West- Vlaanderen of Limburg. De ervaring in andere provincies leert dat de takeldienst in 9 op de 10 gevallen binnen de tijdslimiet ter plaatse is, ook tijdens de spits.

We maken FAST nu eindelijk gebiedsdekkend”, besluit Weyts. “Het slachtoffer van een ongeval zal in heel Vlaanderen kunnen rekenen op de best mogelijke hulpverlening, aan een vaste en marktconforme prijs. Wie in Vlaams-Brabant in de file staat – en dat zijn dagelijks duizenden Vlamingen – zal sneller kunnen doorrijden.

IOED Pajottenland & Zennevallei erkend

luchtfoto_sint-pieters-kerkVLAANDEREN / SINT-PIETERS-LEEUW: – Vlaams minister Geert Bourgeois heeft tien nieuwe intergemeentelijke onroerenderfgoeddiensten (IOED’s) erkend. Het werkingsgebied van deze IOED’s beslaat in totaal 74 gemeenten. Eén van de erkenningen gaat naar IOED Pajottenland & Zennevallei. Het werkingsgebied omvat Affligem, Dilbeek, Roosdaal en Sint-Pieters-Leeuw.

Het nieuwe decreet promoot ook het opstarten van een intergemeentelijke onroerend erfgoeddienst. Een IOED heeft als doel het onroerend erfgoed te behouden, beschermen en te beheren en hiervoor een geïntegreerd beleid op te stellen voor minstens drie gemeenten. Een IOED ondersteunt de gemeenten bij het voeren van een onroerenderfgoedbeleid en het beheren van het onroerend erfgoed. De IOED is niet alleen een aanspreekpunt voor erfgoed, maar ook een partner voor de uitvoering van projecten. Vorig jaar werden al de volgende IOED’s erkend: Radar, Erfgoed Noorderkempen, Leiedal, Zolad+, Portiva en Winar. Hier komen nu de volgende tien IOED’s, bestaande uit 74 gemeenten, bij met o.a. IOED cultuurregio Pajottenland & Zennevallei
Het werkingsgebied omvat Affligem, Dilbeek, Roosdaal en Sint-Pieters-Leeuw.

Eén geoloket Trage Wegen voor heel Vlaanderen

2016-02-29-illustratie-tragewegenregister_Sint-Pieters-LeeuwVLAANDEREN / VLAAMS-BRABANT: – Wie informatie wil opzoeken over trage wegen kan terecht bij het interprovinciaal geoloket ‘Trage Wegen’. Dit centrale digitale loket verzamelt de gegevens van alle trage wegen in Vlaanderen.

De provincie Vlaams-Brabant en de 4 andere Vlaamse provincies werkten samen met Trage Wegen vzw het geoloket ‘Trage Wegen’ uit.

‘In dit portaal, dat aangestuurd wordt vanuit het geoloket Vlaams-Brabant, vindt de bezoeker de inventarissen van de trage wegen uit heel Vlaanderen’, zegt Tom Dehaene, gedeputeerde voor mobiliteit. ‘Deze informatie werd aangeleverd dankzij de inzet van honderden vrijwilligers op het terrein, die trage weg per trage weg afliepen om de gegevens te verzamelen’.

Alle gegevens zijn open data en dus beschikbaar voor iedereen. Opzoeken kan via gemeente of adres. Men vindt er van elke trage weg het juridisch statuut en de toegankelijkheid.

Momenteel vindt men in het geoloket een deel van de trage wegen uit de provincies Vlaams-Brabant en Oost-Vlaanderen. In de loop van het jaar wordt dit aangevuld met de gegevens uit de andere provincies.
Meer info: http://geo.vlaamsbrabant.be/tragewegen